MENU

industrie
Tag Archive

koper elektromotor

3978

Elektromotoren efficiënter maken scheelt wereldwijd 200 kolencentrales

News

oktober 21, 2016

neodynium elektromotor auto

ECN adviseert regeringen met programma’s voor ‘eenvoudige’ energiebesparing

 

AMSTERDAM – Van alle elektriciteit in de wereld wordt 45 procent gebruikt door elektromotoren en aangedreven pomp-, ventilatie- en compressorsystemen die vaak verouderd en energie-inefficiënt zijn. Door deze motoren en systemen te optimaliseren en energie-efficiënter te maken kunnen landen wereldwijd ruim 1350 TWh aan stroom besparen. Dit is twaalf keer zoveel als het jaarlijkse elektriciteitsverbruik van Nederland.

 

Daardoor wordt de bouw van 200 nieuwe kolencentrales overbodig, zo heeft het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) berekend. ECN adviseert landen en regeringen op het gebied van energiebesparing en heeft net een tweejarig project met Indonesië afgerond.

,,Dat zo’n groot deel van het mondiale elektriciteitsverbruik naar elektromotoren gaat, was voor ons ook een eyeopener. Er gaat 2,5 keer zoveel elektriciteit naar dit soort motoren en aangedreven systemen als naar verlichting,” stelt onderzoeker drs. ing. Jeffrey Sipma van beleidsstudies. ,,Het besparingspotentieel is groot, kosteneffectief en in technische zin relatief eenvoudig te behalen.”

In het licht van de klimaatafspraken van Parijs ziet ECN grote mogelijkheden voor landen om met energiebesparing op elektromotoren een groot deel van hun duurzame doelen te behalen. Met name ontwikkelingslanden kunnen hiervan profiteren, zo heeft de VN organisatie voor klimaatprogramma’s  in ontwikkelingslanden (UNEP) al laten weten. Die is hiervoor een taskforce aan het opzetten, waar ook ECN zitting in heeft.

 

ECN helpt overheden van landen met het opstellen en implementeren van stappenplannen om elektromotoren en aangedreven systemen, met name in de industrie, te optimaliseren en energie-efficiënter te maken. Maar ook in de commerciële sector ligt een behoorlijk besparingspotentieel. Omdat dit soort apparaten lang meegaan en vaak nog opnieuw worden gewikkeld, is het motorenpark in de hele wereld verouderd geraakt.

Met relatief eenvoudige maatregelen zijn enorme besparingen te behalen. Dat begint met het vervangen van oude motoren met energieklasse IE0 of IE1 door modernere, zuinigere van klasse IE3 of IE4. Dat bespaart al ettelijke procenten. Grote besparingen zijn te behalen door frequentieregelaars (variable speed drives) te installeren bij pompen, compressoren of ventilatiesystemen. Dan kan de bespaarde elektriciteit oplopen tot zo’n 15 tot 40 procent. Afhankelijk van het aangedreven proces, kan de productiecapaciteit toenemen. Verdere winst is te behalen door het repareren van lekkages, het invoeren van een motormanagement systeem, het vervangen van de aangedreven pompen of ventilatoren en diverse andere technische en organisatorische verbeteringen. ECN hanteert daarvoor diverse checklisten. De besparing die in de praktijk gerealiseerd wordt varieert sterk, maar is goed te voorspellen met een Energy Audit. Gemiddeld gezien wordt uitgegaan van een besparingspotentieel van 20 procent in de industrie en 15 procent in de dienstensector, en dat is een conservatieve schatting.

 

,,Wij maken stappenplannen. Eerst kijken we waar de grootste industriële bedrijven met het grootste verbruik zitten en stellen we prioriteiten. Daarna gaan we met regeringen aan tafel en stellen we doelen vast. Vervolgens kijken we naar systemen en proberen we bedrijven awareness bij te brengen,” legt Sipma het proces in grote lijnen uit. ,,Wij adviseren overheden hoe ze dit hele verhaal kunnen kwantificeren, opstarten, aansturen, stimuleren en financieren.”

 

Met berekeningen kan het besparingspotentieel aangetoond worden, zowel qua stroomverbruik als geld, en de terugverdientijd van maatregelen worden aangegeven. Als op wereldwijde schaal morgen alle systemen zouden worden geoptimaliseerd, zou in het jaar erna 1350 terawattuur aan elektriciteit worden bespaard, bijna 12 maal het totale huidige elektriciteitsverbruik van Nederland, heeft Sipma berekend. Daardoor is 17 procent minder capaciteit aan geplande kolencentrales nodig, omgerekend zo’n 200. Financieel gezien voorkomt dit een investering van zo’n 375 miljard dollar.

 

In Indonesië hielp ECN de regering de afgelopen jaren met het opzetten van plannen van aanpak om de industrie te laten overstappen op zuinigere en efficiëntere motoren en systemen. In het land worden nog veel verouderde motoren van energieklasse “IE0” en IE1 gebruikt, vaak goedkoop geïmporteerd uit China. Lage, gesubsidieerde stroomprijzen en het ontbreken van kennis vormen drempels voor verandering. Door efficiënter stroomgebruik systematisch aan te pakken binnen de grootste industriële en commerciële verbruikers, kan het land jaarlijks gemiddeld 23 terawattuur energie besparen. Daarmee kan de industrie 1,5 miljard dollar besparen en houdt de overheid bijna een 1 miljard aan subsidies in haar zak. Dan hoeft Indonesië de helft van de nu geplande kolencentrales niet te bouwen – een investering waarmee anders ruim 11 miljard dollar gemoeid zou zijn –  en kan het land een groot deel van zijn klimaatafspraken nakomen. ,,Het is voor iedereen een win-winsituatie en de uitgespaarde investering is bovendien vele malen groter dan het benodigde bedrag voor dit beleidsprogramma,” zegt Sipma.

 

Hoewel het programma een proces van lange adem is, kon het land al diverse succesverhalen melden. Zo bespaarde een farmaceutisch bedrijf 49 procent elektriciteit op zijn koelwatersysteem, een jaarlijkse kostenbesparing van 80.000 dollar en binnen twee jaar terugverdiend. Een petrochemisch bedrijf installeerde 34 frequentieregelaars en zag zijn stroomverbruik met 28 procent dalen. De investering was binnen slechts 5 maanden terugverdiend. Een textielfabriek bespaarde dankzij 15 frequentieregelaars 59 procent stroom voor zijn ventilatiesystemen; na ruim een jaar terugverdiend.

 

In Europa gaat 69 procent van het industriële energieverbruik naar elektrische aandrijfsystemen. Volgens berekeningen van de International Energy Agency (IEA) is met efficiency-maatregelen een besparing van 20 tot 30 procent haalbaar.

In Nederland hebben bedrijven en overheid een Green Deal Efficiënte Elektrische Aandrijfsystemen (GD EEA) uitgevoerd om dit potentieel beter bekend te maken. Op basis van de IEA cijfers is met efficiënte industriële aandrijfsystemen 5 tot 8 procent te besparen op het nationaal elektriciteitsverbruik. ECN is gevraagd het potentieel nader te berekenen.

Diverse bedrijven hebben hier al voordeel mee gehaald. Door de toepassing van frequentieregelaars op pompsystemen bespaarde Tata Steel 30 procent op het energiegebruik van een groot pompsysteem. Een huisdiervoederbedrijf bespaarde 23 procent energie door een kleinere hoog efficiënte aandrijving voor een machine voor hondenbrokken aan te schaffen. Een verpakkingsproducent bespaarde jaarlijks 655.000 kilowattuur en 65.500 euro dankzij nieuwe IE3 motoren, het repareren van lekkages en het installeren van frequentieregelaars. Een glasproducent bespaarde dankzij frequentieregelaars 40 procent energie en verhoogde de capaciteit van een van zijn productielijnen met 6 procent. De gemiddelde besparing van 15 afgeronde projecten lag op 13 procent, een totale besparing van 3,2 gigawatt per jaar. ,,Dit is echter geen volledig nieuw besparingspotentieel. Het zit voor een deel al ingebed in diverse lopende beleidsprogramma’s zoals de MJA’s, maar het is wel erg verhelderend om dit zo direct aan elektromotoren te koppelen. Bovendien zou extra aandacht voor deze systemen het oogsten van het besparingspotentieel kunnen versnellen,” aldus Sipma.

 

(Bron: ECN)

Read article

IMG_5563_Hisarna_hijsen nieuwe top 28092016

3738

Tata schaalt revolutionaire Hisarna-staalproductie op

News

september 30, 2016

IMG_5563_Hisarna_hijsen nieuwe top 28092016

Foto (rechtenvrij) van het ophijsen van een nieuw onderdeel voor de HIsarna pilot plant bij Tata Steel in IJmuiden.

Bij Tata Steel in IJmuiden wordt op dit moment druk gewerkt aan het vernieuwen van de HIsarna-installatie. HIsarna is een alternatieve technologie voor het maken van vloeibaar ruwijzer. Als de technologie succesvol kan worden ontwikkeld, kan in de toekomst staal worden gemaakt met minimaal 20% minder CO2-uitstoot en een 20% lager energiegebruik. De technologie is bij het staalbedrijf in IJmuiden bedacht en wordt ontwikkeld en getest in een speciale pilot plant op de site.  De vijfde test met HIsarna gaat in januari 2017 van start en zal een half jaar duren. Er is een investering mee gemoeid van 25 miljoen euro. Het HIsarna-project van Tata Steel is onlangs door het Ministerie van Economische Zaken genomineerd voor de titel van Nationaal Icoon, een prijs voor baanbrekende innovatieve technologieën.

 “De modificaties aan de installatie komen voort uit inzichten die zijn opgedaan tijdens de eerste vier proefperiodes”, aldus Koen Meijer, projectleider HIsarna bij Tata Steel. “We hebben aangetoond dat de technologie werkt. En we hebben in de HIsarna-installatie meerdere malen gedurende twee tot drie dagen ruwijzer geproduceerd en daar ook staal van gemaakt. De volgende stap is een half jaar durende testcampagne, die in januari van start gaat. We willen nu aantonen dat deze techniek ook gedurende een langere aaneengesloten periode ruwijzer kan produceren. Om een reëel alternatief voor het hoogovenproces te kunnen bieden is het noodzakelijk om te laten zien dat je ook deze installatie langdurig in een stabiel proces kunt bedrijven. Dat hopen we volgend jaar aan te tonen.”

Het belangrijkste verschil tussen HIsarna en het traditionele hoogovenproces is dat bij HIsarna de grondstoffen (ijzererts en metallurgische kolen) niet hoeven worden voorbewerkt, maar rechtstreeks in het reactorvat van HIsarna kunnen worden ingebracht. Dat scheelt een volledige processtap en levert een CO2-reductie én een energiebesparing van 20% op. Als daarnaast CO2 wordt afgevangen en opgeslagen kan de CO2-uitstoot met wel 80% worden gereduceerd.

De duurtest die in januari van start gaat wordt deels gesubsidieerd door de Europese Unie en de Nederlandse overheid.

Read article

Dinsdag 30 augustus presenteerde NS een nieuwe trein met daarin een nieuw toilet ontworpen door PhD’er Marian Loth, faculteit Industrieel Ontwerpen. Uniek is dat er naast een normaal toilet ook een urinoir voor mannen in zit. Dit zorgt ervoor dat de toiletpot schoner blijft en het toiletbezoek voor vrouwen en ouderen aangenamer maakt.

3745

Panta Rhei! Ontwerpleiderschap bij voortdurende verandering / vijf perspectieven – 11 november 2016

News

augustus 13, 2016


Inleiding
Als Heraclitus van Efeze met een tijdmachine naar onze tijd zou worden geflitst, zou hij waarschijnlijk niet alleen verbaasd, maar ook vol ontzag en trots zijn. Deze Griekse filosoof is bekend om zijn concept van voortdurende verandering: ‘panta rhei’, wat letterlijk ‘alles stroomt’ betekent. Hij was er stellig van overtuigd dat dit concept het fundament van het universum is. Maar zelfs een wijs man als Heraclitus kon niet voorzien hoezeer deze stelling nog steeds opgaat, 25 eeuwen na zijn dood in 475 v.Chr.

Panta Rhei!
In de moderne wereld stroomt alles. Het enige wat zeker is, is dat niets zeker is. Dit is de tegelijk weerspannige en uiterst dynamische context waarin ontwerpers werken. Zij moeten de stroom goed aanvoelen om iets te ontwerpen wat werkelijk impact heeft. Een wereld in beweging vraagt om een nieuw soort ontwerper met een nieuwe houding: een ontwerper die de kloof weet te dichten tussen betekenisvolle interacties en schaalbare gevolgen.

De faculteit Industrieel Ontwerpen van de Technische Universiteit Delft wil nieuw licht doen schijnen op de rol van ontwerper in een voortdurend veranderende wereld, en organiseert daarom een forum op vrijdag 11 november: Panta Rhei! Kom ook voor inspiratie, reflectie, confrontatie en betovering.

Verantwoordelijk voor de inhoud van het evenement zijn vijf curatoren, tevens vijf nieuwe hoogleraren bij Industrieel Ontwerpen: Catelijne van Middelkoop, Deborah Nas, Jeroen van Erp, Jos Oberdorf en Roland van der Vorst. Deze ontwerpers en hoogleraren zullen vijf perspectieven op ontwerp en ontwerpleiderschap laten zien.

Panta Rhei! is een tentoonstelling, een bijeenkomst, vijf inaugurele redes en een feestje. Dat is althans op dit moment het plan. Maar waarschijnlijk pakt alles toch weer anders uit: alles stroomt immers…

De curatoren

van links naar rechts: Catelijne van Middelkoop, Roland van der Vorst, Deborah Nas, Jeroen van Erp, Jos Oberdorf

Catelijne van Middelkoophoogleraar Visual Communication Design
Professor Van Middelkoop is medeoprichter en partner van Strange Attractors Design, een studio die innovatieve en strategische oplossingen ontwerpt om cultuur en commercie te beïnvloeden. In haar inaugurele rede bespreekt ze welke rol het ontwerp van visuele communicatie (en het onderwijs daarin) speelt in een complex tijdperk waarin beeldcultuur, snelheid en flexibiliteit centraal staan. Ze deelt haar visie op het belang van een eigen stem en van een extensief maar kritisch gebruik van de overvloed aan media die tot onze beschikking staan.

Deborah Nashoogleraar Strategic Design for Technology-based Innovation
Professor Nas is van nature een strategisch vernieuwer. Als een van de oprichters van Sunidee, een bureau voor strategische innovatie, neemt ze kennis van innovatiepraktijken in diverse sectoren, en vergelijkt en deelt ze deze. In haar inaugurele rede deelt ze haar visie over de rol van strategisch ontwerp in de voortdurend veranderende wereld van nieuwe technologie.

Jeroen van Erphoogleraar Concept Design
In 1992 was professor Van Erp een van de oprichters van Fabrique, een bureau in Delft dat tot een veelzijdig internationaal ontwerpbureau is uitgegroeid. In 1994 richtte hij de afdeling voor interactieve media van het bureau op, met de focus op ontwikkeling van websites. Hij is ook voorzitter van de Dutch Creative Council. In zijn inaugurele rede legt hij uit waarom creativiteit, kennis en leiderschap noodzakelijke ingrediënten zijn om concepten te ontwikkelen waarmee vernieuwingen kunnen worden geïnitieerd en versneld.

Jos Oberdorfhoogleraar Product Architecture Design
Jos Oberdorf is behalve deeltijdhoogleraar ook managing partner bij npk design, een bureau voor productontwikkeling dat het gehele productontwikkelingsproces beheert, van strategie en ideeënvorming tot technische uitvoering, prototype en productieondersteuning. In zijn inaugurele rede deelt hij zijn ideeën over een dynamische aanpak van het ontwerpproces.

Roland van der Vorsthoogleraar Strategic Design for Brand Development
Professor Van der Vorst is directeur van FreedomLab. Hij heeft altijd op het snijvlak van strategisch en creatief denken gewerkt, als adviseur en als ondernemer in Europa en Azië. Hij is gepromoveerd in brand management en heeft boeken geschreven over Nieuwsgierigheid (Curiosity), Hoop (Hope) en innovatie en positionering (The Camouflage Effect). Volgens De Volkskrant is hij een van de 200 meest invloedrijke personen van Nederland.

Het programma
Kom ook naar Panta Rhei! op vrijdag 11 november in Delft. De details van het programma worden in de komende weken via de website

Dinsdag 30 augustus presenteerde NS een nieuwe trein met daarin een nieuw toilet ontworpen door PhD’er Marian Loth, faculteit Industrieel Ontwerpen. Uniek is dat er naast een normaal toilet ook een urinoir voor mannen in zit. Dit zorgt ervoor dat de toiletpot schoner blijft en het toiletbezoek voor vrouwen en ouderen aangenamer maakt.

Dinsdag 30 augustus presenteerde NS een nieuwe trein met daarin een nieuw toilet ontworpen door PhD’er Marian Loth, faculteit Industrieel Ontwerpen. Uniek is dat er naast een normaal toilet ook een urinoir voor mannen in zit. Dit zorgt ervoor dat de toiletpot schoner blijft en het toiletbezoek voor vrouwen en ouderen aangenamer maakt.

bekend gemaakt. Als je op de hoogte gehouden wilt worden van Panta Rhei!, laat dan je naam en email adres achter via de website.

Read article

Schermafbeelding 2016-07-23 om 10.52.30

3575

Drive: festival voor de creatieve industrie, Eindhoven, oktober 2016

News

juli 23, 2016

Schermafbeelding 2016-07-23 om 10.51.59

 

 

 

 

 

Mind the Step v1.0 from CLICKNL | DESIGN on Vimeo.

 

 

De derde editie van DRIVE, de Design Research & Innovation Festival voor de creatieve industrie, zal in Eindhoven worden gehouden op 26 en 27 oktober, tijdens de jaarlijkse Nederlandse Design Week. DRIVE brengt ontwerpers, onderzoekers, de industrie, de overheid en de topsectoren samen en laat zien hoe het onderzoek binnen de creatieve industrie de huidige complexe uitdagingen het hoofd biedt en hoe het bijdraagt aan maatschappelijke innovaties.

Deelnemers kunnen kiezen uit 30 projectpresentaties en uit een programma rond de circulaire economie en een designcall van technologiestichting STW.

Reserveer deze data alvast in uw agenda!

Woensdag 26 oktober: CROSSOVERS: inzichten en resultaten uit CLICKNL onderzoeksprogramma’s en netwerken: Maak Health, Maak Energy, Smart Retail, Smart Cultuur & Gebouwde Omgeving.

Donderdag 27 oktober: circulaire economie: CLICKNL | CIRCO programma track met keynotes, presentaties en breakout sessies over circulaire bedrijf en ronde design. Het onderzoek door middel van design spoor zal vitrine onlangs begonnen met het ontwerp projecten op het gebied van mode, design en architectuur, die ons een uniek inzicht in de aard van het ontwerp als een onderzoeksmethode te bieden. Voorlopige resultaten zullen worden gedeeld.

Neem een kijkje op onze website en ontdek meer over onze inspirerende programma. Het DRIVE-programma en de presentaties zijn in het Engels en worden gehouden in Natlab, Eindhoven. Meer informatie over de registratie zal spoedig volgen.

DRIVE op 26 & 27 oktober in Eindhoven!

 

 

 

Read article

Siemens’ wereldrecord elektromotor maakt eerste vlucht (Siemens persfoto).

2383

Wereldrecord elektromotor maakt eerste vlucht

News

juli 13, 2016

Siemens’ wereldrecord elektromotor maakt eerste vlucht (Siemens persfoto).

Siemens’ wereldrecord elektromotor maakt eerste vlucht (Siemens persfoto).

 

  • Technische mijlpaal: eerste vlucht van een elektrisch aangedreven vliegtuig met een vermogen van 260 kilowatt
  • Siemens-motor drijft acrobatisch vliegtuig Extra 330LE bijna geluidloos aan
  • Technologie wordt onderdeel van ontwikkeling van hybride-elektrisch aangedreven vliegtuig in samenwerking met Airbus

 

Siemens-onderzoekers hebben een nieuw type elektromotor ontwikkeld die met een gewicht van 50 kg een continu vermogen van circa 260 kilowatt levert. Dat is vijf keer zoveel als vergelijkbare aandrijfsystemen. Dit wereldrecord in aandrijvingen heeft met succes zijn eerste vlucht voor publiek gemaakt op de luchthaven Schwarze Heide nabij Dinslaken in Duitsland, waar het bijna geluidloos het acrobatisch vliegtuig Extra 330 LE aandreef. Deze ontwikkeling maakt hybride-elektrisch aangedreven vliegtuigen met vier of meer zitplaatsen mogelijk.

 

“Deze dag gaat de luchtvaart veranderen,” aldus Frank Anton, hoofd van de afdeling eAircraft bij de Corporate Technology, de centrale research afdeling van Siemens. “Dit is de eerste keer dat een elektrisch aangedreven vliegtuig in de kwart-megawattklasse heeft gevlogen.” De Extra 330LE, met een gewicht van bijna 1000 kilogram, is het vliegende testplatform voor het nieuwe aandrijfsysteem. Als acrobatisch vliegtuig is het bijzonder geschikt om de onderdelen tot het uiterste te testen en hun ontwerp te verbeteren.

 

De onderneming gaat de technologie bovendien inbrengen in het samenwerkingsproject waartoe Siemens en Airbus in april 2016 besloten, en wat als doel heeft de ontwikkeling van elektrisch aangedreven vliegen te stimuleren.

 

 

Elektrische aandrijvingen zijn schaalbaar en Siemens en Airbus gaan de record-motor als basis gebruiken voor de ontwikkeling van regionale lijntoestellen met hybride-elektrische aandrijving. “Naar verwachting zien we in 2030 de eerste vliegtuigen met een capaciteit tot 100 passagiers en een bereik van circa 1000 kilometer,” lichtte Anton toe.

 

“De eerste vlucht van ons aandrijfsysteem is een mijlpaal op de weg naar de elektrificatie van de luchtvaart,” aldus Siegfried Russwurm, de Chief Technology Officer van Siemens. “Om dit traject met succes voort te zetten, hebben we baanbrekende ideeën nodig en moeten we risico’s durven nemen. Daarom is de ontwikkeling van elektrische aandrijfsystemen voor vliegtuigen ook het eerste project voor onze nieuwe start-up, next47.” Siemens is vastbesloten om hybride-elektrische aandrijfsystemen voor vliegtuigen in de toekomst commercieel te gaan produceren.

 

Het Duitse luchtvaartonderzoekprogramma (LuFo) heeft de ontwikkeling van deze motor ondersteund. De Extra 330LE is ontwikkeld in een samenwerkingsverband van Siemens, Extra Aircraft, MT-Propeller en Pipistrel (accu).

 

Read article

De thuisfabriek van Mayku (leuke filmpjes)

News

mei 13, 2016

 

FormBox maakt van uw huis of werkruimte een mini-fabriek met behulp van een traditioneel industriëel proces dat bekend staat als vacuümvormen. Je kunt 3D-vormen creëren van bijna alles. Als het geesteskind van de in Londen gevestigde studio Mayku, heeft de FormBox Kickstartercampagne al meer dan de beoogde $ 50.000 opgehaald en staat de crowdfundteller op meer dan een kwart miljoen dollar.

Meer informatie hierover via deze link: hier klikken

 

 

 

Read article

Schermafbeelding 2016-04-13 om 11.44.39

2776

Siemens zint op overname Emerson Electric (Handelsblatt)

News, Uncategorized

april 13, 2016

Siemens Chief Executive Joe Kaeser maakt misschien van 2016 opnieuw een jaar van grote overnames.

Het Münchense concern gevestigde Siemens is in gesprek met Emerson Electric om diens elektriciteitsnetwerk te kopen, melden persbureaus Reuters en Bloomberg.

Het bedrijf zou vier miljard dollar of 3,5 miljard euro waard zijn volgens Reuters. Emerson Network Power had een omzet van $ 4,4 miljar in het 2015.

Siemens heeft sinds december 2013 zo’n tien miljard dollar uitgegeven aan overnames. Het weigerde commentaar te geven op de berichten.

De Emersondeal zou Siemens’ grootste zijn sinds de overname ter waarde van $ 7,6 miljard van de Amerikaanse specialist in olie-apparatuur Dresser Rand vorig jaar.

Sinds Kaeser ceo werd in augustus 2013, heeft Siemens met het kopen en verkopen van activiteiten gepoogd de winstgevendheid en omzet te verhogen om de concurrentie met aartsrivalen General Electric, het Zwitserse ABB en het Franse Schneider Electric bij te houden.

Siemens is ook in gesprek met de Spaanse windturbinemaker Gamesa over een mogelijke fusie of een combinatie van activiteiten met Siemens Windturbines, dat tot ‘s werelds grootste fabrikant van windturbines zou kunnen leiden .

Amerikaanse bedrijven waren een belangrijk doel het afgelopen jaar. In januari kocht Siemens kocht de Amerikaanse softwarespecialist CD-Adapco voor bijna $ 1 miljard. een overname, waarvoor Kaeser kritiek kreeg vanwege de hoge prijs die Siemens betaalde.

Het in St. Louis gevestigde Emerson stelde vorig jaar juni dat het af wilde van om zijn elektriciteitsnetwerk om zich te concentreren op industriële automatisering en klimaattechnologieën. Het Amerikaanse bedrijf is ook in gesprek met private equity firma’s, met inbegrip van Platinum Equity, om het bedrijf af te stoten, terwijl andere bedrijven ook interesse hebben getoond, meldde Reuters.

Bron; Handelsblatt

Schermafbeelding 2016-04-13 om 11.44.10

 

https://global.handelsblatt.com/edition/402/ressort/companies-markets/article/reports-siemens-eyes-u-s-acquisition

Read article

pbIADT-CYBER-SECURITY-CENTERS-2016-PRINT

2671

Siemens opent Cyber Security Operation Centers ter bescherming van industriële installaties:

News

april 4, 2016

pbIADT-CYBER-SECURITY-CENTERS-2016-PRINT
  • Operation Centers voor Industrial Security in Europa en de VS

  • Continue bewaking van industriële installaties wereldwijd

  • Vroegtijdige detectie van gevaren en gecoördineerde tegenmaatregelen

    Siemens heeft de “Cyber Security Operation Centers” (CSOC) ter bescherming van industriële installaties geopend. Deze Centers zijn gevestigd in Lissabon en München, alsmede Milford (Ohio, VS). Vanuit deze locaties controleren Industrial Security-specialisten van Siemens overal ter wereld industriële installaties op mogelijke cyber-bedreigingen, waarschuwen ondernemingen bij veiligheids- incidenten en coördineren de inzet van proactieve tegenmaatregelen. Deze veiligheidsmaatregelen maken deel uit van de omvangrijke Plant Security Services van Siemens. Siemens ondersteunt hiermee ondernemingen in de productie- en procesindustrie tegen de voortdurend veranderende veiligheidsrisico’s en zorgt zo voor een betere beschikbaarheid van hun installaties.

    De toenemende integratie van industriële infrastructuren in netwerken (“Internet of Things”, “Industrie 4.0″) vereist adequate veiligheidsmaatregelen voor automatiseringsomgevingen. Hier komen de Plant Security Services van Siemens in beeld: van analyse van de veiligheidssituatie (security assessment), de implementatie van veiligheidsmaatregelen, zoals firewalls of antivirusprogramma’s (security implementation) tot continue, door de CSOC’s zelf uitgevoerde bewaking van installaties met managed security services. Zodra de Siemens-experts een verhoogd risico vaststellen, waarschuwen ze de klant vroegtijdig, geven advies over proactieve tegenmaatregelen en coördineren de uitvoer ervan. De maatregelen zijn afgestemd op de ernst van het incident en de mogelijke gevolgen voor de business van de klant. Mogelijke maatregelen zijn onder andere het aanpassen van firewallregels of het ter beschikking stellen van updates om veiligheidstekortkomingen te verhelpen. Daarnaast biedt Siemens forensische analyse van veiligheidsincidenten. Op deze wijze kunnen ondernemingen rapportages opstellen die voldoen aan internationale normen, zoals ISO 27002 of IEC 62443 en wettelijke voorschriften. Bovendien krijgen de ondernemingen zo een helder overzicht van de veiligheidsstatus van hun installaties. Voor de Plant Security Services gebruikt Siemens producten van haar partner Intel Security, waaronder McAfee VirusScan, McAfee Application Control, McAfee ePolicy Orchestrator (ePO) alsmede McAfee Enterprise Security Manager met Security Information en Event Management.

Read article

nuon_infographic_opslag-groene-stroom_ammoniak_superbatterij_nl

2143

Windstroom als energie opslaan in de vorm van ammoniak

News

maart 29, 2016

nuon_infographic_opslag-groene-stroom_ammoniak_superbatterij_nl

 

nuon_infographic_opslag-groene-stroom_ammoniak_superbatterij_nl

 

Nuon slaat met haar Magnum-centrale in Eemshaven een nieuwe weg in. Nuon onderzoekt hoe zij haar gascentrale in de toekomst zonder CO2-uitstoot kan inzetten.

Gascentrales bieden de meest efficiënte en flexibele back-up capaciteit wanneer de wind niet waait of de zon niet schijnt, maar draaien momenteel weinig. Toch ziet Nuon toekomst voor deze centrales. Wind- en zonne-energie kunnen nu nog niet grootschalig worden opgeslagen. Dat betekent dat deze duurzame energie niet gebruikt kan worden als er sprake is van veel wind of zon. Samen met de onderzoeksgroep van professor Fokko Mulder van de TU Delft onderzoekt Nuon daarom de mogelijkheden om deze zogeheten seizoensoverschotten bij Magnum op te slaan in de vorm van ammoniak. Die weer als brandstof zonder CO2-uitstoot kan worden gebruikt in de gascentrale.

Recyclen van wind

Alexander van Ofwegen, directeur Nuon Warmte, licht toe: “Dit idee bestaat uit drie stappen. Allereerst zet je elektriciteit uit wind om in vloeibare ammoniak. Daar komt een chemisch proces bij kijken, waarbij je waterstof aan stikstof bindt om ammoniak te maken. Dan sla je de ammoniak op in grote tanks – dat kan zo lang als het nodig is. Zo heb je altijd een voorraad brandstof voor die momenten dat er weinig wind of zon is. Ammoniak kun je namelijk als laatste stap als koolstofvrije brandstof gebruiken in de gascentrale. Hierbij komen alleen stikstof en waterdamp vrij, geen CO2. Wat verder zo mooi is aan dit concept, is dat het op alle plekken in de wereld mogelijk moet zijn om duurzame energie om te zetten in ammoniak. Hiermee recycle je eigenlijk de energie uit wind of zon – je gebruikt wind- of zonne-energie om ammoniak te maken en je maakt van de gascentrale bovendien een superbatterij!”

Magnum-centrale voorop in de energietransitie

In 2013 werd de Magnum-centrale van Nuon in Eemshaven officieel geopend. Het oorspronkelijke concept was een centrale te bouwen die op verschillende brandstoffen, zoals biomassa, gas en kolen kon draaien. In onderling overleg met natuur- en milieuorganisaties kwam in 2011 het besluit dat Magnum in ieder geval tot 2020 een gascentrale zou blijven. Met het onderzoek van Nuon en TU Delft ziet Nuon definitief af van het gebruik van steenkolen in deze centrale. Nu wordt juist gezocht naar een toekomst voor Magnum zonder CO2-uitstoot.

Onderzoek TU Delft en Nuon

Hoewel TU Delft en Nuon nog aan de tekentafel zitten en er nog veel onderzoek nodig is, zijn beide partijen van mening dat het opslaan van energie in ammoniak een veelbelovende techniek is die met het nodige onderzoek en aanvullende financiering binnen een jaar of 10 op grote schaal toegepast kan worden. Uiteraard staan veiligheid en milieu in dit onderzoek voorop. Alexander van Ofwegen: “Ammoniak wordt al ruim 100 jaar op verschillende manieren toegepast – het is de grondstof voor kunstmest, maar het wordt ook gebruikt in grote koelinstallaties voor bijvoorbeeld ijsbanen. Daarnaast hebben we in Nederland veel ervaring met het grootschalig opslaan van ammoniak. Maar natuurlijk moeten we, net als bij elke andere geconcentreerde chemische stof, de nodige veiligheidsmaatregelen in acht nemen. We hopen binnen 5 jaar een demonstratie op relevante schaal te kunnen doen.”

Power to Ammonia

Het onderzoek van Nuon en TU Delft is onderdeel van het project ‘Power to Ammonia’, waarvoor het Institute for Sustainable Process Technology (ISPT) meerdere partijen samen heeft gebracht om kennis te delen en onderzoek te doen. Power to Ammonia is een samenwerkingsverband van ISPT, Stedin Infradiensten, Nuon, ECN, TU Delft , Universiteit Twente, Proton Ventures, OCI Nitrogen, CE Delft en AkzoNobel.
Meer informatie over Power to Ammonia is online te vinden

http://www.nuon.com/nieuws/nieuws/2016/nuon-en-tu-delft-onderzoeken-opslag-windenergie-in-nieuwe-superbatterij/

Read article

Leo Kouwenhoven and his team in the lab. From left to right: Kun Zuo, Vincent Mourik and Leo Kouwenhoven. This is the part of the set-up that will be cooled down to the absolute zero temperature (experimental sample is attached at the end).

Foto © Sam Rentmeester . 20120410
Leo Kouwenhoven (en 2 AIO’s), Marjorana-opstelling, TUDelft,
( foto: Sam Rentmeester)

1751

Quantum Europe 2016: een nieuw technologietijdperk (17 mei 2016 – 18 mei 2016 Europagebouw, Amsterdam)

News

maart 23, 2016

Leo Kouwenhoven and his team in the lab. From left to right: Kun Zuo, Vincent Mourik and Leo Kouwenhoven. This is the part of the set-up that will be cooled down to the absolute zero temperature (experimental sample is attached at the end). Foto © Sam Rentmeester . 20120410 Leo Kouwenhoven (en 2 AIO’s), Marjorana-opstelling, TUDelft, ( foto: Sam Rentmeester)

Leo Kouwenhoven and his team in the lab. From left to right: Kun Zuo, Vincent Mourik and Leo Kouwenhoven. This is the part of the set-up that will be cooled down to the absolute zero temperature (experimental sample is attached at the end).
Foto © Sam Rentmeester . 20120410
Leo Kouwenhoven (en 2 AIO’s), Marjorana-opstelling, TUDelft,
( foto: Sam Rentmeester)

Onderzoekers en ingenieurs uit alle windstreken werken momenteel aan de “tweede kwantumrevolutie” waarin nieuwe technologieën worden ontwikkeld aan de hand van de regels van de kwantummechanica. Kwantumtechnologie zorgt voor revolutionaire verbeteringen in termen van capaciteit, precisie en snelheid en zal voor veel industrieën en markten doorslaggevend zijn voor succes. Europa moet nu de handen ineenslaan om een vlaggenschipinitiatief te lanceren en mee te surfen op deze tweede kwantumgolf.

 

Quantum Europe 2016 is een conferentie over kwantumtechnologie. Deze technologie, die gebaseerd is op de wetten van de kwantummechanica, zal van zeer grote betekenis zijn voor het oplossen van de vele problemen die momenteel in de wereld spelen. Tijdens het evenement zal een “kwantummanifest” worden gepresenteerd met een integrale strategie waarmee Europa met deze technologie tot de kopgroep kan blijven behoren.

Kwantumwetenschap wordt tegenwoordig toegepast in informatie-, communicatie-, meet-, en rekentechnologieën. Overal ter wereld volgen de ontwikkelingen elkaar in snel tempo op als gevolg van belangrijke technologische doorbraken en groeiende strategische en industriële investeringen.

Europa kan een belangrijke rol spelen bij het verder ontwikkelen en commercialiseren van deze technologieën. Er is een ambitieuze Europese agenda nodig waarin wetenschap, techniek en ondernemerschap worden gecombineerd om het volledige potentieel van de kwantumtechnologie te ontsluiten.

Doel van de conferentie

Nederland organiseert in dit kader een conferentie over kwantumtechnologie, in samenwerking met de Europese Commissie en QuTech, het instituut van de TU Delft en TNO dat onderzoek doet naar kwantumtechnologie. Met deze conferentie wordt beoogd alle activiteiten en investeringen rondom kwantumtechnologie in heel Europa te stimuleren en de Europese wetenschap en industrie een platform te bieden voor een uitgebreide strategie waarmee Europa in de voorhoede van deze sector kan blijven.

In de aanloop naar de conferentie zullen lidstaten en belanghebbenden uit de wetenschap en industrie worden uitgenodigd een bijdrage te leveren aan het zogeheten “Quantum Manifesto” dat oproept tot maatregelen waarmee Europa koploper kan blijven op het gebied van kwantumtechnologie.

Ondersteun het Quantum Manifesto

Via deze link kunt u het manifest ondersteunen. Iedereen die werkzaam is in de academische wereld, het bedrijfsleven en bij overheids- of financiële instellingen wordt uitgenodigd het manifest te ondersteunen. In het definitieve manifest zal een overzicht van de ontvangen onderschrijvingen worden opgenomen.

Hoe neemt u deel?

Deelname aan de conferentie is uitsluitend op uitnodiging. Wilt u deelnemen, maar heeft u nog geen “save the date”-bericht ontvangen, stuur dan een email naar quantumeurope@minez.nl.

Read article